Wet Openbaarheid Bestuur WOB

FacebookTwitterGoogle+Share
 

Wet Openbaarheid Bestuur WOB heimelijk buiten spel gezet!censorship

In de vorige Post is al aangegeven hoe belangrijk deze ‘Uitzonderingsgronden’ voor de argeloze en blijkbaar minderwaardige(ten opzichte van foute ambtenaren!) Nederlandse burgers is! Hier nog een keer en wat uitgebreider:

Hoofdstuk V. Uitzonderingsgronden en beperkingen WOB

Artikel 10

1 Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft achterwege voor zover dit:

a. de eenheid van de Kroon in gevaar zou kunnen brengen;
b. de veiligheid van de Staat zou kunnen schaden;
c. bedrijfs- en fabricagegegevens betreft, die door natuurlijke personen of rechtspersonen vertrouwelijk aan de overheid zijn meegedeeld.

2 Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft eveneens achterwege voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen:

a. de betrekkingen van Nederland met andere staten en met internationale organisaties;
b. de economische of financiële belangen van de Staat, de andere publiekrechtelijke lichamen of de in artikel 1a, eerste lid, onder c en d, en het tweede lid, bedoelde bestuursorganen;
c. de opsporing en vervolging van strafbare feiten;
d. inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen;
e. de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;
f. het belang, dat de geadresseerde erbij heeft als eerste kennis te kunnen nemen van de informatie;
g. het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel van derden.

Opmerking Hans Smedema:

  • Dus als ambtenaren en Kroon, zoals in ons specifieke geval, foute en soms criminele beslissingen nemen, mogen ze die voor het Nederlandse volk en de specifieke Nederlandse slachtoffers(Hans & W..s Smedema), verbergen! Het kan immers volgens art. 1a ‘de eenheid van de Kroon in gevaar brengen’ of 1b ‘de veiligheid van de Staat kunnen schaden!’ De slachtoffers blijven dan machteloos en weerloos tegenover criminelen en verkrachters gedurende meer dan 30 jaar! Kinderen van verkrachters zijn daarbij blijkbaar geen probleem voor Politici, Koninklijk huis en Ministers! Zolang zij zelf maar laf en gewetenloos buiten beeld kunnen blijven! ‘De slager die zijn eigen vlees keurt’, of ‘de Kalkoen die mag meebeslissen over het kerstdiner!’
  • Als al simpelweg de naam van de Koningin betrokken kan worden bij gemaakte fouten door Ministers en hoge ambtenaren, dan al wordt een beroep gedaan op deze wet en kan men dus het Ministerie van Justitie en een geheime dienst opdracht geven om de bewuste Nederlandse slachtoffers(hier Hans en W..s Smedema) buiten de normale wetten te plaatsen en zorg te dragen voor wegwerken van bewijzen, manipuleren en omkopen van getuigen, en tegenwerken en/of verbieden van onderzoeken door Politie en Openbaar Ministerie! Welk weldenkend en ethisch denkend mens zou hier aan meewerken? Blijkbaar ons Koninklijk huis en Ministers wel degelijk gezien de door de Koningin getekende wetten!
  • Maar ook art. 2 geeft deze mogelijkheden! In het geval van Hans & W..s Smedema kunnen diverse punten gebruikt of beter misbruikt worden, vooral doordat de slachtoffers zelf hiervan NIET op de hoogte gesteld mogen worden. En tegen het nog ‘onbekende’, is verweer en dus ‘vechten’ onmogelijk!

Wet Nationale Ombudsman

Hier de belangrijke uitzonderingsgevallen waar de Ombudsman buiten spel is gezet en ambtenaren dus al weer vrijuit gaan boven argeloze en onschuldige Nederlandse burgers.

Wet van 4 februari 1981, houdende instelling van het ambt van Nationale ombudsman en wijziging van een aantal wetten

Hoofdstuk II. Het onderzoek

Artikel 14

De ombudsman is niet verplicht een onderzoek als bedoeld in artikel 12, eerste lid, in te stellen of voort te zetten, indien:

a. het verzoekschrift te laat is ingediend of niet voldoet aan de vereisten, vermeld in artikel 12, derde en vierde lid;
b. het verzoek kennelijk ongegrond is;
c. het belang van de verzoeker of het gewicht van de gedraging kennelijk onvoldoende is;
d. de verzoeker een ander is dan degene jegens wie de gedraging heeft plaatsgevonden;
e. een verzoekschrift, dezelfde gedraging betreffende, bij hem, dan wel bij een tot de behandeling van verzoekschriften bevoegde commissie uit de Eerste of Tweede Kamer of uit de verenigde vergadering der Staten-Generaal, in behandeling is of – behoudens indien een nieuw feit of een nieuwe omstandigheid bekend is geworden en zulks tot een ander oordeel over de bedoelde gedraging zou hebben kunnen leiden – door hem is afgedaan of daarover door de betrokken commissie haar conclusie op een verzoekschrift aan de Eerste of Tweede Kamer dan wel de verenigde vergadering der Staten-Generaal is voorgesteld;
f. een verzoekschrift, dezelfde gedraging betreffende, ingevolge een wettelijk geregelde klachtvoorziening bij een onafhankelijke klachtinstantie in behandeling is of daardoor is afgedaan;
g. ten aanzien van de gedraging voor de verzoeker een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening heeft opengestaan en hij daarvan geen gebruik heeft gemaakt;
h. ten aanzien van de gedraging anders dan ingevolge een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening door een rechterlijke instantie uitspraak is gedaan;
i. het betrokken bestuursorgaan, de betrokken instelling of dienst die, of het betrokken bedrijf dat onder verantwoordelijkheid van dat orgaan werkzaam is, dan wel de betrokken ambtenaar, niet door de verzoeker of degene jegens wie de gedraging heeft plaatsgevonden in kennis is gesteld van de grieven met betrekking tot de gedraging en niet in de gelegenheid is gesteld zijn of haar zienswijze daarop te geven;
j. en zolang ten aanzien van een gedraging van het bestuursorgaan die nauw samenhangt met het onderwerp van het verzoekschrift een procedure aanhangig is bij een rechterlijke instantie, dan wel ingevolge een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening bij een andere instantie;
k. en zolang het verzoekschrift betrekking heeft op een gedraging die nauw samenhangt met een onderwerp, waaromtrent anders dan ingevolge een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening een procedure bij een rechterlijke instantie aanhangig is.

< De ombudsman is niet bevoegd een onderzoek als bedoeld in artikel 12, eerste lid, of artikel 15 in te stellen of voort te zetten:

a. indien de aangelegenheid behoort tot het algemeen regeringsbeleid, daaronder begrepen het algemeen beleid ter handhaving van de rechtsorde, of tot het algemeen beleid van het betrokken bestuursorgaan;
b. betreffende algemeen verbindende voorschriften;
c. zolang ten aanzien van de gedraging een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening openstaat, tenzij artikel 6:12 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is, of ingevolge een zodanige voorziening een procedure aanhangig is;
d. zolang ten aanzien van de gedraging anders dan ingevolge een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening een procedure bij een rechterlijke instantie aanhangig is, dan wel beroep openstaat tegen een uitspraak die in een zodanige procedure is gedaan;
e. indien ten aanzien van de gedraging ingevolge een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening door een rechterlijke instantie uitspraak is gedaan;
f. in aangelegenheden betreffende belastingen en andere heffingen, indien ten aanzien van de gedraging een wettelijk geregelde administratiefrechtelijke voorziening heeft opengestaan;
g. ten aanzien van gedragingen waarop de rechterlijke macht toeziet.

De ingevolge het eerste lid opgeroepen personen kunnen zich van het verstrekken van inlichtingen verschonen wegens ambts- of beroepsgeheim, doch alleen voor zover betreft hetgeen waarvan de wetenschap aan hen als zodanig is toevertrouwd. Ambtenaren kunnen zich slechts met verwijzing naar de hun ingevolge de Ambtenarenwet onderscheidenlijk de Militaire Ambtenarenwet 1931 en de Politiewet 1993opgelegde geheimhoudingsplicht verschonen voor zover het verstrekken van de verlangde inlichtingen in strijd is met enige andere wettelijke bepaling tot geheimhouding of met het belang van de Staat. De ombudsman kan ter staving van het beroep op het verschoningsrecht overlegging vragen van een bijzondere schriftelijke last van het orgaan, welks tussenkomst voor het verstrekken van inlichtingen in het derde lid is voorgeschreven. Dit orgaan kan bepalen, dat de geheimhoudingsplicht slechts wordt opgeheven met betrekking tot het verschaffen van inlichtingen aan de ombudsman onder de voorwaarde dat het geheime karakter daarvan wordt gehandhaafd.

Onze Ministers kunnen aan de ombudsman het betreden van bepaalde plaatsen verbieden, indien dit naar hun oordeel de veiligheid van de staat zou schaden.

Opmerking Hans Smedema

 

  • Uit bovenstaande blijkt dat de nationale Ombudsman net als genoemd in de beperkingen van de WOB, geen onderzoek mag doen in het geval dat de Staat of Kroon in gevaar komt, of bij handhaving van de rechtsorde en dergelijke. Zeg maar zodra ambtenaren en vooral ‘de Kroon’  in gevaar kunnen komen, zijn ze belangrijker dan het gewone Nederlandse klootjesvolk! Slachtoffers worden dan ijskoud opgeofferd en moeten aan alle kanten bedrogen worden, waarbij vervalsen van bewijzen en manipuleren van getuigen geoorloofd en standaard gedrag is!
  • De Nationale Ombudsman heeft mijn zaak tweemaal afgewezen zonder duidelijke reden. Hij is gewoon niet bevoegd om in dit geval op te treden! De Kroon is belangrijker dan eventuele minderwaardige slachtoffers.
  • CTIVD was positief en zou mijn zaak voorleggen aan Politiek en Minister BZK, maar werd natuurlijk op dezelfde gronden tegen gehouden. Het lijkt er zelfs op dat de uitstekende rechter die mij zelfs hoorde, ontslagen is om haar hulp aan mijn zaak! Zou dat het geval zijn, dan moeten alle betrokken ambtenaren inclusief betrokken toen verantwoordelijke Ministers uit iedere openbare positie verwijderd worden en vervolgd worden door een Internationaal Tribunaal dat speciaal voor deze zaak zou moeten worden opgericht!

Later meer…

Hans Smedema, Nederlands vluchteling, Xalo/Jalon, Spain

Copyright 2010 Hans Smedema Xalo/Jalon, Spain